Geen plek is euthanasie, anders haalt ze het niet
"GEEN PLEK IS EUTHANASIE. ZE OVERLEEFT DE NACHT NIET." Die woorden sprak de dierenarts toen Matilda bij ons werd aangemeld. Met spoed maakten we plek. Een meisje van ongeveer zes weken oud, maar nog geen 400 gram. Broodmager, uitgedroogd, sloom en apathisch. Haar kleine lijfje had nauwelijks nog iets over om op te teren.
Ze was blind door een heftige niesziekte. Op dat moment leek het er bovendien op dat ze niet kon horen. Een piepklein meisje dat de wereld niet meer kon zien en misschien ook nauwelijks kon horen, terwijl haar lichaam ondertussen steeds verder achteruitging. En toen zagen we dat ze ook nog eens bloedarmoede had. De oorzaak? Een nest vlooien. Vlooien die haar in verhouding tot haar kleine lijfje letterlijk hebben leeggezogen. Bij een kitten van ongeveer zes weken oud is ieder beetje bloed kostbaar. Matilda had al zo weinig reserves en toch hadden die kleine parasieten haar nog verder verzwakt.
En daar was die ene keiharde boodschap: "Geen plek is euthanasie. Ze overleeft de nacht niet." Die woorden waren niet hard omdat er geen hoop mocht zijn. Ze waren hard omdat Matilda er op dat moment zó slecht aan toe was. De dierenarts zag een piepklein kitten dat ernstig verzwakt was, met nauwelijks nog reserves. Vanuit humane overwegingen werd gekeken naar wat op dat moment het beste zou zijn voor Matilda, mocht er geen plek zijn waar zij intensieve zorg kon krijgen. Want soms is het juist uit liefde voor een dier dat je moet durven erkennen hoe ernstig de situatie is.
Maar gelukkig was er die avond wél een plek voor haar. Een spoedplek, maar toch. Dus kwam Matilda bij ons binnen. We schrokken van haar aanblik. Eerlijk gezegd wisten we niet of we haar de volgende ochtend nog zouden zien. We konden haar alleen maar geven wat ze op dat moment nodig had: warmte, vocht, voeding, verzorging en vooral rust. Haar lichaam was zó zwak dat iedere ademhaling voelde als iets wat we niet als vanzelfsprekend mochten beschouwen.
De uren kropen voorbij. En ergens in die lange nacht lag daar een meisje van nog geen 400 gram te vechten voor haar leven. Ze heeft de nacht overleefd. Maar daarmee was het verhaal niet voorbij. De afgelopen twee dagen hebben we haar nauwlettend gevolgd. En langzaam zagen we iets veranderen. Matilda reageert beter. Ze eet. Ze krijgt weer wat kracht. Haar kleine lijfje lijkt voorzichtig te begrijpen dat het niet meer alleen maar hoeft te overleven.
Matilda blijkt niet doof te zijn. Waar we in het begin dachten dat ze naast haar blindheid misschien ook haar gehoor kwijt was, blijkt ze gelukkig wél op geluid te reageren. Er is goede hoop voor haar ene oogje. Haar andere oogje is misschien niet te redden, maar dat moet de toekomst uitwijzen. Ze is nog steeds een ontzettend kwetsbaar kitten. Haar blindheid door de heftige niesziekte is er nog. Haar bloedarmoede heeft tijd nodig om te herstellen. En haar lichaam moet nog een enorme achterstand inhalen.
Toch is het verschil met twee dagen geleden enorm. Toen wisten we niet of ze de nacht zou halen. Nu kijken we naar een klein meisje dat ons voorzichtig laat zien dat ze nog heel veel leven in zich heeft. En misschien is dat wel het mooiste aan dit verhaal.
De dierenarts had op dat moment een ontzettend moeilijke inschatting te maken. Niet omdat Matilda het niet waard was om voor te vechten, maar juist omdat haar toestand zó ernstig was en haar lijden zonder adequate zorg zou voortduren. Euthanasie werd genoemd vanuit humane overwegingen, omdat er op dat moment nog geen plek was waar ze de intensieve zorg kon krijgen die ze nodig had.
Gelukkig veranderde dat. Er kwam een plek. En daarmee kwam er voor Matilda ook een kans. Die eerste nacht was echt kritiek. Alleen heeft Matilda ons inmiddels laten zien dat een kritieke situatie niet altijd het einde hoeft te betekenen.
Geen wonderen. Geen garanties. Ze heeft nog een lange weg te gaan.
Maar wel tijd.
Tijd om aan te sterken.
Tijd om te herstellen.
Tijd om te ontdekken dat het leven misschien nog heel veel moois voor haar in petto heeft.
Geen plek is euthanasie. Maar er wás een plek. En daardoor kreeg Matilda de kans om zelf het antwoord te geven. En haar antwoord, twee dagen later, is heel duidelijk: "Ik ben er nog." Dus gaan we verder. Uur voor uur. Voeding voor voeding. Grammetje voor grammetje.
Want jij bent geen "geen plek".
Jij bent Matilda.
Een klein leven dat nog lang niet klaar is.

